Historie - Museumplein


 

Op deze pagina vindt u een samenvatting over de sociaal-culturele historie van ons dorp en haar bewoners en over het Oldambt. Ook vindt u hier een beschrijving van het wapen van Midwolda en kunt u het volkslied van Midwolda zingen. Een historisch document uit 1784 is eveneens in deze rubriek opgenomen. Genealogen vinden op de website DTB Midwolda van de oud Midwolder Jan F. Boven een schat aan informatie over de DTB boeken Midwolda 1698-1811 plus 1811-1820 en de DTB boeken Oostwold 1700-1811. Alle geboortegegevens van de gemeente Midwolda van 1800-1879, huwelijken tussen 1801 en 1875 en overlijdens tussen 1801 en 1889.

Dot Midwolda en het Oldambt
Dot Wapen van Midwolda
Dot Midwolmer volkslaid
Dot Historisch document


 

 

 

Vele eeuwen geleden lag Midwolda aan de oevers van de Dollardzee. De zee overstroomde toen nog het Oldambt, want er waren nog geen zeedijken. Midwolda lag ook niet op de huidige plaats, maar 2 km naar het noorden, daar waar nu de boerderij Ol Kerke aan de Kerkelaan staat. Hier zijn in 1994 door de archeologische dienst van de Rijksuniversiteit in Groningen nog opgravingen gedaan, waarbij de fundamenten van de oude kruiskerk zijn blootgelegd. Boerderij "Ol Kerke" Vlakbij de boerderij Ol Kerke vindt u nog twee reusachtige kolken in de voormalige dijk van 1665. Ze zijn vrijwel zeker ontstaan tijdens de beruchte St. Maartensvloed van 1686. De eerste berichten over Midwolda dateren uit 1413. Alhoewel de berichten hierover elkaar tegen spreken, schijnt dat in dat jaar een dochter van een machtige proost uit Emden, Reinske, een kruiskerk met vier stenen torens heeft laten bouwen. Er werd toen gesproken over een dorp met maar liefst 180 huizen. Midwolda was in die tijd de belangrijkste plaats in het Oldambt. De bewoners uit die tijd hebben eeuwen lang een verwoede strijd tegen het water moeten voeren. In 1708 waren de langdurige overstromingen er de oorzaak van dat men het dorp naar een 2 km. verderop gelegen hogere zandrug ging verplaatsen. Deze datum vindt u terug boven de deur van de kerktoren die toen gebouwd werd. Dertig jaar later in 1738 was ook de huidige kerk voltooid. De kerk bevat nog een prachtig Hinsz-orgel welke in 1772 door de orgelbouwer Albertus Anthoni Hinsz is gebouwd. In de kerktoren hangt een grote luidklok die in 1807 gegoten is door de gieter Andries Heeres van Bergen. De familie van Bergen heeft hier van 1795-1956 een klokkengieterij gehad en maakte ook uurwerken. Aan de voorgevel van het pand van de Fa. Edens aan de Hoofdweg, is nog te zien dat daar de klokkengieterij heeft gestaan. Langzaam heroverden de bewoners het land op de zee. Oldambtster boerderij In de 17e en 18e eeuw, leefden de bewoners, door de hoge waterstand voornamelijk van de veeteelt. Rond de boerderijen en op hoger gelegen zandgronden was akkerbouw. Men verbouwde er allerlei soorten graan. In 1635 werd het Koediep gegraven. Hierdoor werd het mogelijk het graan naar Groningen te vervoeren. De wegen waren in die tijd nog vrijwel onbegaanbaar. In 1717, van 1744-1746 en later nog eens van 1766-1773, werden de boeren geteisterd door de veepest. Hierdoor verloren de boeren vaak een groot deel van hun vee. Ze besloten daarom de natte gronden te herschapen in drogere cultuurgrond. In 1819 was reeds 67% van het land cultuurgrond geworden. Er werd steeds intensiever akkerbouw bedreven en zo ontstonden in die tijd de kapitale boerderijen, met prachtige voorgevels en grote tuinen. Door de natuurlijke lozing van het water, bij laag water naar zee, ontstonden er in herfst en winter op de graslanden grote binnenmeren. Later in de 19e eeuw werd er voor de ontwatering gebruik gemaakt van primitieve watermolens en aan het eind van de 19e eeuw werden er waterschappen opgericht. In Scheemda worden heden ten dage nog molens gerestaureerd en geproduceerd door de molenmaker Molema. Tussen Scheemda en Nieuw-Scheemda vindt u nog twee fraaie watermolens. De Tjasker watermolen is het enige exemplaar in Groningen. Door de import van goedkoop Amerikaans graan ontstond er in Europa in 1878 een landbouwcrisis waar ook Midwolda en omliggende dorpen onder gebukt gingen. Er werd door de boeren enorm op de arbeiders bezuinigd en ze begonnen aan mechanisatie. Er ontstond grote werkloosheid en armoede onder de arbeiders. Molen De Dellen (1855) In de winter, wanneer de nood het hoogst was, werden er werklozenoptochten gehouden. Door de grote tegenstellingen tussen arm en rijk ontstond er in 1892 grote onrust onder de bevolking en moesten er zelfs militairen in de omliggende dorpen gedetacheerd worden om de rust te handhaven. De 19e eeuw heeft voornamelijk de geschiedenis van Midwolda en het Oldambt bepaald en weerspiegeld zich nog steeds in de huidige politieke en kerkelijke verhoudingen. In 1899 werd de Stichting Coöperatieve Strokartonfabriek opgericht. Zo'n honderd boeren namen er aan deel en zorgden voor levering van de stro. Er werd besloten om grond te kopen nabij het Winschoterdiep voor de bouw van een strokartonfabriek. De aan- en afvoerwegen speelden daarbij een belangrijke rol. Op 31 januari 1901 werd de strokartonfabriek de Toekomst in productie genomen. Terwijl er in 1901 door ruim 100 leden zo'n 8 miljoen kilo stro werd aangevoerd, was dit zes jaar later al verdubbeld. Opnieuw werd er grond aangekocht waarop het tweede komplex verrees. Op 7 februari 1909 rolde ook hier het strokarton van de banen. Van 1918-1948 reed er een tram van de tramdienst Oost-Groningen door het Oldambt. Deze zorgde ook voor de aanvoer van de kolen voor de Toekomst. In die tijd liep er ook een tramlijn door Midwolda en zag je overal langs de straat electriciteitspalen met bovengrondse leidingen. De straten waren nog zeer slecht en zanderig en eigenlijk alleen in het midden redelijk verhard. De voormalige strokartonfabriek de Toekomst werd in 1968 gesloten. Het bedrijf had toen ongeveer 125 mensen in dienst.  De gemeente Oldambt gaat de fabriek restaureren en een gebruiksdoel geven. In 1924 werd begonnen met het indijken van de Carel Coenraadpolder. De Toekomst Veel mensen uit Midwolda en omgeving hebben meegeholpen aan het bouwen van de huidige Dollarddijk. De Tweede Wereldoorlog is ook aan de bewoners van Midwolda niet ongemerkt voorbijgegaan. Vanaf 1 april 1944 voerde burgemeester A. Hovinga, die op de hand van de Duitsers was, in Midwolda een waar schrikbewind. Hij is mede verantwoordelijk voor de deportatie van Wychert Baas, Meinto Edens en de gemeentesecretaris Hindrik Boven, naar de concentratiekampen Neuengamme en Buchenwald. Zij kwamen er door uitputting om het leven. Burgemeester Hovinga werd in 1947 wegens z'n misdadig gedrag door de Groningse Kamer van het Bijzonder Gerechtshof in Leeuwarden veroordeeld tot 15 jaar gevangenisstraf, maar kwam om onverklaarbare redenen na twee jaar al weer vrij. In de nacht van 3 op 4 mei 1943 werd boven Midwolda een viermotorige Short Stirling bommenwerper door de Duitsers neergeschoten. De bommenwerper stortte neer op het land van Zijlker en Glas. Zes van de zeven bemanningsleden wisten zich met parachutes te reden, maar de 21-jarige boordschutter Peter Mac Nulty uit het Engelse Scunthorpe kwam hierbij om het leven. Hij werd op 6 mei 1943 op de begraafplaats van Midwolda begraven. Z'n oorlogsgraf is op 26 april 2001 door de Oorlogsgravenstichting vernieuwd. Regelmatig brengen Midwolders nog bloemen op z'n graf. Door de toenemende mechanisatie bij de boeren na de Tweede Wereldoorlog, verdween er steeds meer werkgelegenheid. In 1850 werkten nog 44% van de inwoners in onze regio in de landbouw. In 1950 was dat nog 20% en in 2002 is dat percentage gedaald tot nog slechts 2%. Momenteel werkt het grootste deel van onze bevolking buiten onze woonplaats en vindt werk in de industrie, handel, nijverheid, dienstverlening en gezondheidszorg. Het laatste decennium van de vorige eeuw stond in het teken van de plannen voor het megaproject de Blauwe Stad. Dit project moest het gebied een geweldige impuls geven en het negatieve imago in positieve zin gaan ombuigen. In het eerste decennium van deze eeuw werd het gebied begrenst door Midwolda, Oostwold, Finsterwolde, Beerta en Winschoten onder water gezet en veranderd in een woon- werk- en recreatiegebied. Er zouden aanvankelijk in tien jaar tijd 1.480 huizen worden gebouwd. Mede door de economische recessie die in 2008 begon, stagneerde de verkoop van kavels enorm. I.p.v. de verwachtte verkoop van 150 kavels per jaar, werden er maar 30 kavels per jaar verkocht. Projectontwikkelaars in de private sector haakten af en de nieuwe gemeente Oldambt en de provincie Groningen moesten de kar verder trekken. De ontwikkeling van natuur- en recreatie in Blauwestad ontwikkelde zich echter voorspoedig. Vooral de Noordrand van Blauwestad, het gebied tussen Midwolda en Oostwold, profiteerde van het aantal toeristen en recreanten.

 

Boeken

 

Boeken over Midwolda en het Oldambt:

 

  • Boerderijenboeken Wold-Oldambt
    De boeken verschenen eind 1997 (Scheemda, Midwolda, Ekamp, Meerland, Heiligerlee, Westerlee, Meeden). De twee boeken bevatten meer dan 600 pagina's en ca. 190 foto's. U vindt veel genealogische informatie in de boeken. De prijs voor beide boeken is: f 130.00. (excl. verzendkosten).
    Bestellen bij: H.E. Georgius, Scheemderzwaag 13, 9679 TM Scheemda. tel. 0597-591335.
  • Ons Febriek
    Het boek over de coöperatieve vereniging en strokartonfabriek De Toekomst 1900-1970.
    Bestellen: Boekhandel Actief te Scheemda of bij E. Bulder, telefoon. 0597-593464.
  • De Graanrepubliek
    Een boek over de geschiedenis van de graanboeren in het Oldambt. In 2000 genomineerd voor de Belgische literatuurprijs de Gouden Uil.
    Auteur: Frank Westerman.
    ISBN: 9025415652
  • Oldambt 1964-1997
    Een fraai fotoboek van de auteur H. Linnewiel uit Midwolda.
    ISBN: 9068681923
  • Maar verder is hier niets gebeurd
    Een boeiend boek over de Tweede Wereldoorlog in de gemeente Scheemda.
    Auteur: Jan Bakker.
    ISBN: 9071 918 70 X
  • Rijkdom en Tragiek
    Een boek over het leven van de voormalige bewoners van boerderij Hermans Dijkstra in Midwolda.
    Auteur: J.P. Koers.
    Bestellen: Museumboerderij Hermans Dijkstra, tel. 0597-593738
  • Oostwold, 't mooiste loug van 't hail laand
    Het boek gaat over het wel en wee van een arbeidersgezin uit Oostwold in de periode 1935-1945.
    ISBN-10: 90-9020973-5 en ISBN-13: 978-90-9020973-9
  • Oldambtrit 1954 - 1996.
     Een prachtig naslagwerk, met veel foto's, anekdotes en uitslagen. Na de Elfstedentocht en de Noorder Rondritten, wordt de Oldambtrit gezien als de derde marathonschaatsklassieker van Nederland.
    Bestellen: H. Kuper, Meidoornlaan 1, 7875 BM Exloo. Tel. 0591-549694, e-mailadres: harmkuper@hotmail.com.
  • Canon van het Oldambt
    Het boek gaat over de belangrijkste gebeurtenissen in de geschiedenis van het Oldambt.
    ISBN: 978-90-817336-1-8

 

TOP

 


 

 

 

Onderstaande beschrijving is afkomstig van de site met Nederlandse Gemeentewapens. De gemeente Midwolda is in 1990 samengegaan met de gemeente Scheemda. In het nieuwe wapen van de gemeente Scheemda vindt u elementen terug uit het wapen van de gemeente Midwolda.

 

Glas in loodraam met Wapen Wapen van Midwolda

Middenwalda in glas en lood

Wapen van de voormalige gemeente Midwolda


MIDWOLDA

Provincie             : Groningen
Opheffing           : 1990 Scheemda
Toevoegingen    : -

I : 22 mei 1894

"In zilver eene kerk met 4 torens en een omgewenden vogel op den hoek van het dak, boven het koor, alles van keel, staande op een uit de schildvoet oprijzenden grond van sinopel; in het schildhoofd vergezeld van 5 sterren van goud, geplaatst 3 en 2."

Oorsprong/verklaring :

De kerk is de kerk ter plaatse en de sterren zouden (volgens Sierksma) de Grote Beer voor moeten stellen.

Midwolda was te beschouwen als de hoofdplaats van het Oldambt. De kerk speelde een belangrijke rol in het bestuur, want in de kerk vergaderden de eigenerfden en hoofdelingen om rechtspraak en bestuur te regelen. De kerk was een Romaanse kruiskerk, die is afgebeeld in het zegel van het Oldambt, dat vanaf 1347 in gebruik is geweest. De kerk is in het gemeentewapen overgenomen, vermeerderd met de vijf sterretjes en werden de blauwe daken eveneens van keel.

Literatuur: Sierksma, 1962; de Boo, 1993

 

TOP

 


 

 

 

wieze: Ernst mien jong, oet operette de Lindenbörg

 

Woar het laand 'n hail èn
gait het veen en de klaaie in.
Van Zuudwenden noar Oosteren,
strekt ons olle loug zok hen.
't Loug op gaie Oldambster grond,
slim bekend ja, wied en't rond.
Da's Midwoll' ons loug en laand,
't laifste stee in't voaderlaand.

 

Midwoll' loug mit 't mooiste bos,
dat ik ooit te vinden wos.
Midwoll' mit de Enn'moabörg,
doe bist 't loug van aal mien zörg.
Kikkerpolder of Naisjesoord,
is het stee van mien geboort.
In Midwoll' ons loug en laand,
't laifste stee in 't voaderlaand

 

Midwoll' as dien klokke zingt,
dat mie 't daip in 't haarte dringt.
Midwoll' den vuil ik mie,
zo gelukkig ja mit die.
As'k hier vot mos, as'k dat wos,
waai'k da'k aalweg snokken mos.
Om Midwoll' ons loug en laand,
't laifste stee in't voaderlaand.

 

Tekst: D.S. Hovinga

 

TOP

 


 

 

 

Onderstaand gedicht kreeg het DDM van Jaap Niemeijer uit Hoogeveen. Hij werd geboren in 1937 en werkte van 1963 tot 1965 op de gemeentesecretarie van de toenmalige gemeente Midwolda. Hij kwam op zekere dag een handgeschreven epistel tegen uit 1784 waarin ene Albert Pinkeltoren de natte zomer van 1784 beschreef en de kwalijke gevolgen daarvan. Hij vond de naam curieus en beschouwde die als een pseudoniem, maar de inhoud van het gedicht vond hij zodanig belangrijk, dat hij het kopieerde. In 1999 ontdekte hij tijdens een genealogisch onderzoek dat de naam Pinkeltoren toch wel bestaan had. Ze behoorde toe aan: Albert Roelofs Pinkeltoren, gedoopt op 22 december 1737, overleden te Midwolda op 5 januari 1819, zoon van Roelof Alberts en Tettie Berends. Dit gedicht, waaruit u de sfeer van weleer kunt proeven, willen we u niet onthouden.

 

De natte zomer van 1784

 

Och wat ziet men deze dagen?
Waar dat Men zig keerd of wend
Zugten klagen en Elend:
Ja den Landman ziet men zugten
Daar Hij ziet zijn Veldgewas
Derven door den Regenplas.

 

Is het niet of ons de plagen;
D' Eene Voor en d' Ander  naar;
treffen Meer van Jaar tot Jaar ?
D' Eene Ramp is niet geweken,
Of een Ander tot ons leed !
Staat wederom gereed.

 

Ziet hoe menigten van  jaren !
Heeft een Droeve Runderpest
Hier gewoed in deez' gewest.
Ja  zeer Hoge Watervloeden,
Hebben ons voorheen gekweld !
Dat onvrugtbaar wier ons veld.

 

D' Oorlogs Hoge Mogendheden,
Dreigen ons, an alle kant
Dit ons Vrieje Nederland,
Stormen, Winden, Donderslagen,
Daar het schepsel dat er leeft
Met ontzag voor schrikt en beeft.

 

Wie kan alle Rampen tellen ?
Ziet eens heden nu twee jaar !
Toond' de Heer ons wie Hij waar.
Toen zag men Hij kan bederven,
Alle Vrugten op het land
Door Zijn magt en wijs verstand.

 

Toen zag men des Heeren Roeden !
Wonderbaar voor ons verstand !
Hier en Elders in ons land:
Bloemen, Kruiden, Gras en Koren,
Wierd gelijk als of de Vlam
Al den wasdom haar benam.

 

Nu ja Nu ziet Men op heden,
Godes Roeden openbaar !
Voor ons oogen in dit jaar:
Nu Men Duizend zevenhonderd
Vijfentagtig; Schrijven mag.

 

Wie den Ouden Hoog van jaren;
Hebben zulk een tijd beleefd;
Als Men dezen Zomer heeft ?
Dag an dag zag Men de regen;
Van den Hemel vallen neer;
Met veel onbestendig weer.

 

T' Grazend Vee liep in de  weiden,
Nuttig voor een ider Mensch:
Naden Vestman zijner wensch.
Maar Helaas daar hoord men klagen,
Veelen die haar Rundersgras
Zagen blank van waterplas.

 

Ja het gras op hoge velden
Daar het vee toen weiden moet
Wierd vertreden met de voet
Och de Beesten zag Men zugten
Loeiden van gebrek in t' veld
Dat een ider werd ontsteld.

 

Veele Menschen zijn gedrongen
Door den Regen overal,
't Vee te brengen in den stal;
Menig Rundvee wierd verdreven,
Tot zijn Nabuirs weiland droog:
Want den kommer wierd zeer hoog.

 

Och ! den landman zag men zugten,
Daar Hij zag zijn kostbaar  Graan,
Inden Oogst in 't water staan:
Naulijks kan Men Koren majen,
Door den Regenagte vogt;
Met een zwaar betrokken logt:

 

Oogstmaand is geheel verlopen:
Herfstmaand waar bijna gevlugt;
Och ! een ider gaat en zugt !
Weinig Koren onbedorven
Wierd door moeit, en Arbeid zuir
Nog gewonnen in den Scheur,

 

Door het lang anhoudend Regen,
Zag Men toen den Weg En Laan
Zeer onbruikbaar dien te gaan.
Zoo dat men veel Kooren hoopen,
Zag tot in den Winter staan:
Op het Veld; met droefheid aan

.Koolzaad heeft men nog gedorschen
Zeer bedorven, dat Men zag
In November, Martens dag.
Ziet den Landman kan niet ploegen !
Nogte  Zajen na begeer;
Door het Regenagtig weer.

 

Och veel Akkers om den Regen,
Moest Men laten ongeboud:
Ja als woest Men die anschoud.
Kan de Heer Hij wil behoeden
Ons niet slagen, dat ons veld
Gansch onvrugtbaar wierd gesteld.

 

Och ! dat God voor zulke Roeden,
Ons behoeden. mogt voortaan
Och ! wie zou als dan bestaan:
Wie zou Majen zonder zajen ?
Zal den Zajer Majen Vrugt.

 

Om den Zegen te ontfangen
Op den Akker, dat ons Zaad
In der Aarde niet vergaat.
Zugtend ! bidden om den  zegen,
Hem die in der Eeuwen leeft:
Dat Hij tog den wasdom geeft.

 

Op dat onze Korenvelden;
Zijn met Vrugten wel gelaan:
Die op onze akkers staan.
Zugtend !  bidden om den zegen,
In den Oogst, dat onze Graan
Door den Regen niet vergaan.

 

Ja dat onze Groene Velden,
Zijn met Kudden vee belaan;
Die gezegend weiden gaan.
Zugtend ! bidden om den zegen,
Dat die Grote Zegenaar
ons voor alle kwaat bewaar,

 

Maar och ! Mogten Wij gedenken
An zijn Roeden ! keer op keer !
Die  Hij  zend van boven neer.
Ziet door zonden komen wonden,
Voeld men Godes Slaande hand,
't IS om onzen zonder schuld.

 

Och den Schepper aller dingen
Zie tog op zijn Schepsel neer !
Als een trouw ontfermendt Heer !
Aj wilt ons tog niet verderven !
Door U Roeden velerhand,
In dit zugtend Nederland !

 

O !  Barmhartig Opperwezen,
Slaa ons tog geen Wonden meer !
Aj !  Kastijd gematigd Heer !
Zijn wij t'  Samen afgeweken,
Van U Regten, Wet, En leer:
Och ! Brengt ons te regte weer;

 

Aij: laat ons niet verder dolen
Isrels Herder Neerlands God
Och, stel ons tog niet ten spot
Voor dengenen die ons haten
Dat ze roepen Haa; tot schand
God wijkt af van Nederland.

 

Neen O Heer wilt niet wijken
Nu terwijl het donker zij
Aij, blijft ons gestadig bij
Ziet tog uwe gunstelingen
Zugtend biddend vallen neer
Daaglijks an U Voeten Heer.

 

Gij wilt eertijds Zodom sparen
Om Uw Volk zeer klein getal
Vind Gij hier niet overal
U beminde uitverkorenen ?
Spaar Aij spaar tog Nederland
Hou tog in U slaande hand.

 

Kom tog Vader aller Ligten
Zegend ons, uit Uwen Troon
Om het bloed van Uwen Zoon
Hierop zeg wij Amen.Amen
Heere op ons smeken let
Amen zeg wij op 't Gebed.

 

Gerijmd door:
Albert Pinkeltoren.

 

 

TOP

 


 
Vragen of opmerkingen kunnen worden gezonden naar  info@midwolda.nl.
Copyright © 2017 , Digitale Dorp Midwolda. All rights reserved.

Laatste update: 22 januari 2016